De ontdekking van de neanderthalers

Marcel De Puydt, advocaat, lid van het Luiks Archeologisch Instituut, brengt in 1872 een eerste bezoek aan de grot van de mens van Spy. Hij studeerde toen nog in Namen, samen met Ernest Lemaire, die uit Moustier-sur-Sambre kwam en hem de grot toonde. Hij gaat er enkele keren terug om er vuurstenen en beenderen te verzamelen die zijn archeologische amateurscollectie zullen uitbreiden.

depuydt.JPG (6703 octets)

peinturelohest.jpg (12870 octets)

In 1881 maakt Marcel De Puydt kennis met Max Lohest, assistent geologie aan de Universiteit van Luik. De kwestie van de ouderdom van de mensheid boeit hen beiden erg en dus beslissen ze om, op hun eigen kosten, samen opgravingen te doen in de grot van Spy. Op basis van zijn vroegere ontdekkingen geloofde Marcel De Puydt vast dat de plek ooit "door de prehistorische mensen" bewoond was.

De eerste opgravingcampagne vond plaats in de zomer van 1885 en werd de volgende zomer voortgezet. Armand Orban, een vroegere mijnwerker, kreeg de opdracht om in een eerste fase het puin te onderzoeken. De werken werden verder gezet op het terras, in het deel dat het dichtst bij de ingang van de grot lag. De binnenkant van de grot was al verschillende keren ‘verkend’ door allerlei liefhebbers en was blijkbaar niet het doelwit van hun werkzaamheden. Deze zone bestond uit verschillende niveaus, waarvan één, dat later de naam "rood niveau" zou krijgen, in hun ogen bijzonder opmerkelijk was.

coupe1886.jpg (20084 octets)

De laag zat diep onder het puin dat het terras bedekte. Om degelijk onderzoek te verrichten, had het geruimd moeten worden. Maar dat liet hun budget niet toe. Armand Orban stelde hen dus voor om de galerijen uit te graven en deze "ader" te ontginnen zoals een mijnwerker met een steenkoolader had gedaan. Hij verzamelde er een kleine mand aarde die De Puydt en Lohest in openlucht onderzochten als ze in hun vrije tijd op de site aanwezig waren. Soms bracht Orban, die alleen werkte, hen per post op de hoogte van de vorderingen van de werkzaamheden en van het belang dat de stukken die hij opgroef, volgens hem hadden. In deze omstandigheden werd, begin juli 1886, een deel van een schedeldak ontdekt. Het leek nauw verwant met de schedel van Neandertal.

cranespy2.jpg (12324 octets)

Nog andere beenderen werden blootgelegd. Danzij deze die men in hun oorspronkelijke positie liet konden Julien Fraipont, paleontoloog, en Ivan Braconnier, amateur-archeoloog, opmaken dat verdwenen soorten tegelijk de aarde bewoonden, zoals de mammoet en een mens die erg verschilde van de moderne mens. Dit verleende de ontdekking een hoge wetenschappelijke waarde voor die tijd, en maakte haar internationale faam.

De eerste resultaten van de opgravingen van 1886 werden door De Puydt en Lohest op dinsdag 17 augustus 1886 voorgesteld op het Congres voor Archeologie en Geschiedenis in Namen. De Belgische en buitenlandse kranten gaven veel aandacht aan het nieuws. De Mens van Spy deed zijn intrede in onze geschiedenis.

dessinlohest.jpg (8792 octets)

Reconstructie van een neanderthaler
van Spy door Max Lohest